Lipsato

Vandaag is rood van rood wit blauw. Als de wereld van ons is. Elke herinnering. We waren sterker dan de krachtigste orkaan. Laat me dromen. En nooit heb ik spijt gehad. 'k zie de zon weer schijnen. Maar zonder je mantel. Dat ben jij. Lijkt het zachtjes terug te praten. Ik kan uren naar je kijken. Oud en afgedankt.

Waarom mocht je niet gewoon dicht bij me zijn. Waar jij. Wat je ook doet, waar je ook gaat. Oh, maak jezelf vrij. Wat een figuur. Ze overstemt alle klanken van de twijfels in mijn kop. Een gewone verschijning die kwetsbaar is. Ik moet door. Maar zodra de schemer valt. En voor 1 lach, zal ik alles doen. Totdat de ochtend haar weer. Omdat ik geloof. In jouw zee van liefde wil ik verdrinken. Waar we gewoon op nieuw beginnen met z'n twee. Er staat ijs op het wit van m'n ogen. Dat ik val hier voor jou. Slikt hij zijn woorden in. Die me de liefde geeft. Zie ik jou gezicht.

Het is een tijdje terug dat ik je zag. Het donker. Hoe zou het zijn. Ik kom tot de conclusie dat er nog zoveel meer is. Ik voel alleen de pijn van 'god waar is ze'. Maar niemand komt dichtbij. Om jou geef ik me open en bloot. Zeg ik je vluchten helpt niet meer. Of ben jij ineens opzoek naar het hart van een minnaar. Gewoon omdat je hier geboren bent. Stil zal ik zijn. Ik kan echt zonder jou. Zorg maar dat je groter groeit. De kamer waar het altijd warm en veilig voor me was. Leeg zijn je handen.

Stapt de allermooiste vrouw die ik van m'n leven heb gezien, zo uit de branding op het trapje van mijn balkon. Wat je gelooft is waar. Dus kom bij me liggen. Al mijn gedachten. Op armlengte afstand, maar mijlenver bij me vandaan. Wil je mij niet om je heen, ben je liever alleen of ben jij ineens op zoek naar het hart van een minaar. Ze mogen pakken wat te pakken is. En blijf ik hier nu wachten. Wil je mij niet om je heen. Ze weet dat hij heus wel kan raden waar zij is. Als het voor vluchten te laat is. Ik ben voor altijd vrij. M'n ogen open. Want er is niets meer. Dus donder nou maar op.

Aan het einde van de straat. Oud en afgedankt. En die paar tranen. Ik voel je warmte om me heen. Ren met me mee door het mulle zand. Maar zonder je mantel. Je zit op rozen. Onderuit in woeste, wilde golven. Ik leef niet meer voor jou. Vind je alles wat je zoekt bij die andere minnaar. Is dit het huis waar we kusten. Want ik voel jou. Eten en vier gezellig met ons mee. Maar ik versta het allemaal. En hij durft haar niet te bellen. Maar je houdt van mij. Wat is ze mooi en wat staat de tijd haar goed. Voor de liefde en het licht. En je neemt me mee.

Vernieuwen